Al bijna twee weken zit ik hier in Brazilie. Ik dacht, laat ik toch maar eens wat schrijven, dan denk ik ondertussen na over wat dingen. Het is hier leuk; er gebeuren hele leuke dingen, maar ook wel een paar nare dingen.
Ik zal beginnen bij het begin. Na een lange vlucht kwamen we (ik en twee meisjes: L en B, een jongen H, die ook meedoet, was al eerder aangekomen) aan in Brazilie. Daar moesten we overstappen op een ander vliegtuig. Alleen door gedoe met onze koffers en omdat we de weg niet konden vinden, hebben we onze binnelandse vlucht gemist. Gelukkig kon het worden opgelost door een uur (!) lang in een rij te staan, een half uur (!) te praten (een beetje portugees, veel engels en een beetje nederlands) met een vrouw achter de bali, en 150 dollar te betalen, mochten we mee met de volgende vlucht, die een paar uur later vertrok.
Aangekomen op bestemming werden we opgehaald door S, bij haar en haar gezin logeren we en zij begeleidt ons eigenlijk de hele reis. We lagen om ongeveer 12 uur lokale tijd (= 5 uur ´s ochtends Nederlandse tijd) in ons bed, dus het was niet zo heel gek dat we tot 1 uur ´s middags uitsliepen!
De eerste dagen waren heel relaxt, we deden weinig, hingen een beetje rond, lazen, verkenden de buurt en leerden elkaar een beetje kennen. Ik vertel het nu even heel kort, omdat de rest -die ik niet vertel- niet heel erg interessant is voor anderen geloof ik.
Na een halve week luieren gingen we op maandag aan het werk. Wij werken -vrijwillig, onbetaald- voor een organisatie die actief is in een arme wijk. Wij werken voornamelijk met kinderen tussen de 7 en de 14 jaar.
Vanaf die dag zien de dagen er als volgt uit: maandag en vrijdag werken we in de crèche of doen we iets van adminstratief werk en ´s middags sporten en spelen we met wat oudere kinderen. Dinsdag en donderdag geven we hockey lessen aan de kinderen en op woensdag en in het weekend doen we ´leuke´ dingen. ´Leuke´ staat tussen haakjes, omdat het werken met de kinderen eigenlijk ook wel heel erg leuk is. De kinderen hebben vaak al veel gemaakt, hebben een vervelende situatie thuis (worden mishandeld, komen in aanraking met drugs/geweld/seks, krijgen weinig liefde en aandacht) en zijn daarom erg aanhankelijk, erg knuffelig en willen steeds kusjes geven of handjes vastpakken. Zo lief! Natuurlijk is er een taalbarrière, maar taal heb je niet nodig als je speelt, danst, sport of zingt.
Het lastige is dat je weet dat je die kinderen niet kan redden. je kan ze wel blij maken voor even, maar hun thuissitiautie, hun toekomst, hun kansen, die blijven hetzelfde. Bijna aller kinderen zullen het verkeerde pad op gaan en daar kan je niks aan doen. Helemaal niks. Behalve die kinderen kind laten zijn, door met ze te spelen en dat is ook mooi!
Als we niet aan het werk zijn dan vermaken we ons met winkelen, koffiedrinken, uiteten, uitgaan (daarover later meer), hardlopen (mijn conditie gaat hier echt vooruit!), pingpongen, kaarten, honden uitlaten, natuur bekijken, duinsurfen, noem maar op.
Afgelopen zaterdag gingen we uit. Naar een feest in een enorm grote luxe club (denk aan een zwembad, lounegbedden, loungebanken, alles wit), waar we -voor Nederlandse begrippen- goedkoop konden drinken. En we hebben natuurlijk gewoon gedanst. Het mannelijke deel van de club had nog nooit drie Nederlandse meisjes gezien, dus we hadden heel veel sjans. Op een gegeven moment zat ik met een Braziliaanse jongen te praten en hij kocht voor mij een Caipirinha (Braziliaanse cocktail met wodka, limoen, suiker en ijs), en nog één, en nog één. Ik werd er nog dronkender van dat ik al was. Wat er toen allemaal gebeurde weet ik allemaal niet meer helemaal. Het begon dat ik met hem naar een plek toe ging waar je niet mocht zijn van de beveiliging, maar wel je wel naar het strand toe kon kijken. We zoenden. Toen gingen we naar een ander plekje toe, in de club, en toen haalde hij nog een drankje voor me, en toen vertrokken we naar… ikv roeg waar we heen gingen, maar hij pakte mijn hand en nam me mee. Het leken twee tellen, maar opeens zat ik in zijn auto.
Hij reed weg, ik zei dat ik bang was, dat ik niet te ver weg wilde gaan, dat hij me moest terug brengen. Toen gingen we naar een supermarkt. Waar hij bier en condooms kocht (dat tweede zag ik pas veel later dat hij dat gekocht had) en ik rookte in de auto een sigaretje.
Toen werd het pas echt eng. Hij parkeerde de auto ergens, ik herkende de plek wel, maar wist dat het niet de parkeerplaats van de club was, die was nog een halve kilometer verder. Ik zei nog een keer dat ik bang was en hij zei dat ik niet bang hoefde te zijn, hij probeerde me gerust te stellen door me te strelen en te kussen, maar eigenlijk werd ik daar alleen maar banger van. Ik was moe en dronken. Ik wilde slapen en deed mijn ogen dicht. Terwijl hij me zoende en streelde. Op een gegeven moment deed ik mijn ogen weer open en zag dat hij zijn broek had uitgedaan, hij had een condoom om en hij probeerde in me te komen. Ik zei natuurlijk nee, ik maakte duidelijk dat ik het niet wilde. Het leek er even op dat hij opeens geen engels kon, en ik raakte echt heel erg in paniek. En toen zei ik dat ik terug wilde naar het feest. Gelukkig ben ik daar op het feest veilig bij de anderen aangekomen.
Nu ben ik alleen een beetje bang dat er toch wat is gebeurd. Ik ging namelijk nadenken over de tijd dat ik in die auto was, die veel korter leek te duren dan dat de klok aangaf. Misschien ben ik langer in slaap geweest. Of is hij toch in mij gekomen, misschien wel zonder condoom. Ik ben een beetje bang. In Nederland moet ik hier wel wat aan doen denk ik. Straks heb ik enge ziektes of ben ik zwanger. Les die ik heb geleerd is dat ik nooit zo dronken moet worden dat ik in auto´s van vreemde jongens stap.
Ik zit nu niet meer bij een Nederlands gastgezin (S en haar gezin), maar bij een Braziliaans gastgezin (vrienden en buren van S). Zij zijn enorm aardig en lief tegen me. Ze vragen steeds of ik nog wat nodig heb, wat ik lekker vind om te eten en dat soort dingen.
Ze kunnen gelukkig goed Engels en ze hebben echt een super mooi en groot en luxe huis! Ik slaap in een tweepersoonsbed, heb een eigen badkamer en een tv. Toe maar, toe maar.
Het eten gaat hier trouwens erg goed. Een beetje te goed. Mensen eten hier op rare tijstippen. Hlaf 9 ontbijt, 12 uur lunch en dan pas om 9 uur avondeten. Soms twee warme maaltijden op een dag, soms geen één.
Het is moeilijk in te schatten wat ik te eten krijg. Ook lunchen we wel eens bij de crèche, in de arme wijk, waar het eten behalve heel vies, vaak ook niet eens vegatarisch is.
Af en toe heb ik kleine snaaibuitjes, maar echte vreetbuien zou ik het niet noemen. Af en toe eet ik iets te veel en te ongezond, maar ik beweeg hier voldoende. Wel denk ik dat ik flink wat aangekomen ben, ik merk het aan mijn kleding en ik zie het in de spiegel, maar ik begin mijn lichaam wel ietsje beter te accepteren. Het helpt dat ik omgeven ben die gewoon lekker eten, en gewoon dun zijn, misschien wel ietsje dikker dan ik zelfs.
Ik zie wel hoe het loopt, eten mag niet mijn verblijf in Brazilie verpesten. Het is niet makkelijk, maar het gaat wel redelijk, dus dat is fijn. Het is niet dat ik heimwee heb, maar ikmis het een beetje om ‘mezelf te zijn’ . Ik ben hier in een vreemdland, met mensen die ik niet heel goed ken, die heel anders zijn dan ik, ik moet steeds engels spreken, ik ben niet echt vrij om tedoen wat ik wil, ik ben afhankelijk van anderen. Ik kan niet opeensdenken: Ãk heb zin om naar het strand toe te gaan. want dan moet ikrekening houden met tijden, met de planning van anderen, ik moet vragenof er iemand mee wilt, dat soort dingen. En ik heb ook eenbeetje het gevoel dat ik anders ben dan de andere vrijwilligers. Niet dat ik wordbuitengesloten, of dat ik ze niet aardig vind, maar…ze zijn anders. Met M kan ik het wel goed vinden, zij is echtheel aardig en zij lijkt ook wel het meest op mij qua bezigheden, uitspraken, innerlijk. L is ook wel aardig, maar een beetje een tutje, braaf,en ze stelt nooit iets voor om te doen. De jongen H denkt dat ie altijdgelijk heeft. Ookal beweert hij de stomste dingen. En hij krijgt zoveel geld van zijn papie en mamie,en verwacht dat anderen dat ook krijgen. Hij wil vaak dingen die S aanbiedt, zoals uiteten, duinsurfen en andere uistapjes zelf betalen en dan verwacht hij dus dat wij ook gewoon betalen., terwijl al dat dure gedoe van mij niet echt hoeft en ik ook niet zo veel geld heb. Met het thuisfront mail ik af en toe. Ik weet nu waar mijn vader gaat wonen, hij is al druk bezig met klussen. Mijn zusje gaat lekker uit en leuke dingen doen met vriendinnen, en met mijn moeder gaat het geloof ik ook wel goed. Ik heb het er wel eens moeilijk mee gehad dat ik bij al die grote veranderen wilde zijn. Voor mijn zusje, voor mijn ouders, voor mezelf. Een soort verlangen om thuis te zijn. Maar aan de andere kant, als ik nu in Nederland zou zijn, zou ik alleen maar het huis ontvluchten. Er schoot me een paar dagen geleden een zinnetje in mijn hoofd: ´weinig tranen hebben ik gelaten, maar liters alcohol heb ik achterover geslagen´ Ik heb mijn verdriet van de scheiding, van alles, altijd een beetje weggestopt. Ik ging dóór, door met feesten, drinken en leuke dingen doen. Geen plek voor verdriet.
Hier in Brazilie kom ik wel enigszins tot rust. Het is hier mooi, de mensen zijn aardig, ik vind het werk wat ik doe leuk, het gastgezin is aardig, we doen hier leuke uitstapjes, ik probeer van alles qua eten en drinken, ik vernaak me prima. Ondertussen mail en msn ik met mensen uit Nederland, want toch mis ik Nederland wel een beetje. Ik zit hier toch een soort van in mijn eentje aan de andere kant van de wereld. Maar ik red me wel en ik geniet; dat is het belangrijkst!